Rust in vrede mijn allerliefste grootmoeder

Hallo lezertjes! 
Vandaag, 11 januari zal ik hoofdstuk 13 en 14 met jullie bespreken.

Grafsteen 19e eeuw
In hoofdstuk 13 kwam het ook terug naar boven wat voor traumatische jeugd Tove had.
Het begon al direct met haar grootmoeder die op sterven lag.
Op het moment dat ze daar lag, kwam de dronken man binnen van Toves tante, Rosalia.
Haar andere nonkel kon de man gelukkig hardhandig wegsturen.
Toen de grootmoeder eenmaal overleden was, huilde iedereen en waren ze verdrietig, maar Tove had eerst het gevoel nog niet dat ze verdrietig was.
Hier voelt ze zich hier slecht bij.
Ik begreep dit eigenlijk niet zo goed, omdat Tove en haar oma erg goed overeen kwamen met elkaar en vaak samen gedichtjes schreven, maar na enige tijd kwam de realisatie binnen bij har en begon daardoor op een avond te huilen.
Ik vond dit heel jammer aangezien Tove haar jeugd al niet zo mooi was en toen stierf er iemand die ze graag zag en goed voor haar zorgde ondanks de omstandigheden.

Hoofdstuk 14 begint met Tove die iets moest doen van haar moeder waardoor ze naar de winkel ging.
Onderweg kwam ze het populaire hoekje tegen waar alle 'coole kinderen' zitten.
Ze wou er altijd al bij horen en had deze keer een kans.
Ze greep haar kans en begon te praten met de bende.
Ze hadden niet echt een goede reputatie, maar Tove wou er gewoon bij horen.
Ik snap haar aan de ene kant wel, omdat dit vandaag de dag ook nog veel gebeurd dat mensen zich aanpassen om erbij te horen. Ook vind ik dat je altijd jezelf moet blijven en je jezelf niet moet aanpassen voor iemand anders, anders raak je jezelf nog kwijt.
Maar goed, na een tijdje heeft Tove gelukkig door dat het foute boel was, want ze praatten alleen over: Seks, drank en allerlei andere onderwerpen.
Gelukkig riep haar moeder Tove opeens, hierdoor ging ze terug weg.
Wat een redder in nood is die moeder!

winkelketens uit die tijd

Dit waren hoofdstuk 13 en 14.
Hopelijk hebben jullie ervan genoten. 
Tot de volgende!

Reacties